Erven, schenken en nalaten

SERIE BEDRIJFSFONDSEN


18-augustus-2017

AUTONOMIE EN ONAFHANKELIJKHEID VOOROP

AUTONOMIE EN ONAFHANKELIJKHEID VOOROP
In de corporate story van De Nederlandsche Bank neemt de kunstcollectie een geheel eigen positie in. Alexander Strengers, voorzitter van de Kunstcommissie, over het artistiek rendement bij de bank der banken.

Door Bert Koopman

AMSTERDAM – Ondernemende filantropie is in opmars. Steeds meer AEX-fondsen runnen een corporate foundation en brachten deze activiteit onder in een stichting. Bij De Nederlandsche Bank vonden ze een andere manier om de autonomie van de kunstcollectie en de onafhankelijkheid van de kunstcommissie te borgen.

Voorzitter Alexander Strengers: ‘Bij De Nederlandsche Bank is de kunstcollectie een uiting van maatschappelijke betrokkenheid die niet is ondergebracht in het bijdragen- en donatiebeleid. De kunstcollectie is een vrijplaats.’

Strengers verwijst naar de opvattingen van bankpresident Klaas Knot over de status van de collectie: ‘De kunstwerken moeten kwalitatief in relatie staan tot het hoge niveau van de medewerkers en hun functies. Bij ons is de kunst een op zichzelf staand gegeven – naast de core business.’

Knots voorganger Nout Wellink hamerde ook al op de bijzondere positie van kunst bij de bank. Gezien de kwetsbaarheid van kunst wilde hij de collectie liever niet onderbrengen in een stichting. Bestuurders van een stichting kunnen deze immers te allen tijde opheffen. Vandaar dat Wellink aandrong op een andere inbedding in de organisatie.

Artistiek rendement
Binnen de muren van De Nederlandsche Bank zijn kunstwerken alom vertegenwoordigd. Het is een gebruikscollectie met Nederlandse en internationale kunstwerken. Iedere bankmedewerker krijgt voor drie jaar een kunstwerk op zijn/haar kamer. Er is een ruime keuze want de collectie telt circa 1250 kunstwerken. Na drie jaar wordt gewisseld.

Conceptuele kunst – kunst waarbij de idee belangrijker is dan esthetische of materiaal-technische overwegingen – floreert. Strengers: ‘Deze kunstvorm slaat vooral aan bij de dertigers onder het personeel. Zij zien kunst als secundaire arbeidsvoorwaarde en willen meer dan een mooi ‘‘plaatje’’ aan de muur. Ze zijn op zoek naar inhoud, intellectuele uitdaging.’

Dit betekent dat kunstwerken uit de negentiende en begin twintigste eeuw vaker in het depot verdwijnen. De kunstcollecte van De Nederlandsche Bank is steeds in beweging. De bank verzamelt en ‘ontzamelt’. In de afgelopen vijftien jaar werden 750 kunstwerken van de hand gedaan, onder meer als ‘kunstkoopjes’ aan medewerkers.

Beperkingen
Het aankoopbeleid wordt naast budgettaire beperkingen – jaarlijks wordt € 100.000 geïnvesteerd, op de collectie wordt een financieel rendement gemaakt van 7% – begrensd door twee factoren van niet financiële aard.

Enerzijds is er geen ruimte voor al te grote werken (installaties); anderzijds mogen kunstwerken geen politieke statements vertolken en evenmin seksueel aanstootgevend zijn. Dat laatste wil overigens niet zeggen dat naakt taboe is.

Dit blijkt onder meer uit een recente expositie Focus & Diversiteit die het fotowerk Desnudo en el Prado (2011) bevatte van de Spaanse Christina Lucas (1973) Zij fotografeerde een nagenoeg ontkleed model te midden van klassieke naakten aan de Madrileense museumwanden. De performance moest snel worden vastgelegd want beiden werden snel verwijderd.

Een lid van de kunstcommissie over het fotowerk: ‘Sommige mensen vinden dat het niet kan, andere vinden het juist geweldig. Dit werk is een echt conversationpeace. Het werk raakt je. Soms zie je mensen even aarzelen ‘‘zal ik er iets van zeggen of niet’’. De reactie zijn in te delen in ‘‘ja’’ of ‘nee’. Ik vind die uiteenlopende reacties fascinerend.’

Bij De Nederlandsche Bank is het aandeel werkende vrouwen 40%. Diversiteit is een hot issue. Op diverse manieren is er daarom aandacht voor de verhouding man vrouw, etnische en culturele verscheidenheid en diversiteit aan persoonlijkheden binnen de organisatie. Discussies, artikelen en een enquête helpen daarbij. Net als een thema-expositie.

Zorgvuldigheid
Voorzitter Alexander Strengers vertelt dat medewerkers regelmatig heftig discussiëren over duiding van kunstwerken. Alle reden voor zorgvuldigheid in de omgang met en presentatie van de kunstwerken. Voor de kamer van bankpresident Klaas Knot koos Strengers het doek The Mosque van de Duitse kunstenaar Dietmar Lutz (1968). Knot raakte eraan gehecht.

Dit filmische, realistische schilderij, in 2011 aangeschaft uit de Stuyvesant-collectie, toont een jonge, donkere man die over een plein loopt naar de moskee. Zijn loop, een tikje onverschillig, verraadt een mengeling van nonchalance en vastberadenheid. De atmosfeer ademt een verzengende hitte, maar de man lijkt er geen last van de hebben. Hij is op weg.

Wat te denken van de installatie Junk van de Griekse kunstenaar Antonis Pittas (1973)? Zij siert de directievleugel van de bank. Pittas liet zich inspireren door de Arabische lente en de felle Griekse protestbetogingen ten tijde van de crisis. In het werk komen gepeperde teksten voor die verwijzen naar de economische crisis en de effecten daarvan op de samenleving.

‘Zo’n beeld wordt hier goed begrepen’, zegt een kunstcommissielid. ‘Zeker voor een bank die onderdeel uitmaakt van het Europese Stelsel van Centrale Banken is het werk van Pittas een uitstekende link.’ Een ander commissielid: ‘Juist dergelijke werken die te maken hebben met onze verantwoordelijkheid – financiële stabiliteit – zijn belangrijk voor onze collectie.’

Governance
De Kunstcommissie bestaat uit louter bankmedewerkers, onder wie twee vrouwelijke divisiedirecteuren. Deze aanpak bewijst dat autonomie en onafhankelijkheid ook mogelijk zijn buiten de kaders van een corporate foundation met een stichtingsbestuur waarin vertegenwoordigers van de onderneming zijn aangevuld met buitenstaanders.

Strengers: ‘De Kunstcommissie zorgt voor draagvlak in en betrokkenheid vanuit de organisatie. De commissie heeft binnen de door de directie gestelde grenzen veel vrijheid van handelen wat onder meer blijkt uit het schilderij van Christina Lucas en de installatie van Antonis Pittas. Onafhankelijk is hier echt onafhankelijk.’

Frank Elderson, binnen de directie van De Nederlandsche Bank het aanspraakpunt voor de Kunstcommissie, verwoordde dit treffend in het boek In zicht. Overwegingen bij de collectie van De Nederlandsche Bank: ‘Ik heb het gevoel dat we te conservatief zouden zijn als de werken in de kunstcollectie ons niet af en toe hard zouden raken of zelfs choqueren.’

Interactie
Ook de interactie tussen bankmedewerkers en kunstzinnige buitenstaanders gaat soms ver. De Franse kunstenares Marie Reinert ‘infiltreerde’ in de bankomgeving, die permanent wordt bewaakt door de Marechaussee. Ze mocht vrij rondlopen in ruimtes die doorgaans alleen toegankelijk zijn voor mensen met autorisatie – denk aan de directieburelen. Reinert maakte intussen een onthullende film van haar performance.

Elderson refereert aan John Stuart Mill, de negentiende-eeuwse Engelse filosoof en econoom die de wereld zag als een marktplaats van ideeën. ‘Het is aan ons te luisteren, want misschien is er ergens iemand die met die ene, volstrekt nieuwe gedachte komt waar we allemaal mee verder kunnen. Zo’n doorbraak wordt echter zelden als zodanig herkend. Daar moeten wij ons als organisatie van bewust zijn. De kunst kan daarbij al katalysator dienen.’

Dan: ‘Het idee dat je niet wilt interfereren als management in het sturen van inventiviteit en ideeën van medewerkers, zoals we dat bij de Kunstcommissie doen, is een goede les – ook voor andere activiteiten binnen de organisatie. Mensen nemen zo eerder zelf hun verantwoordelijkheid en worden geprikkeld om het hoogst haalbare na te streven. Ten aanzien van de kunstcollectie gebeurt dat al heel lang.’

Toegankelijkheid
De Kunstcommissie organiseert in de kunstruimte jaarlijks acht exposities, waaronder een aanwinstententoonstelling met werken die in het afgelopen jaar aan de collectie zijn toegevoegd. In 2017 werden vier werken aangeschaft, waaronder een schilderij van rising star Willem Weismann. Daarnaast zijn er regelmatig lezingen over kunst in het auditorium.

Als voorzitter van de Kunstcommissie moet Strengers van vele markten thuis zijn. Hij dient de keuzen van nieuwe werken en de samenhang van de collectie steeds te laten zien, ook met woorden. Daarnaast medewerkers blijvend prikkelen en zich met iedereen in de organisatie op dezelfde respectvolle wijze verhouden, van president tot postkamermedewerker.

In 2020 betrekt De Nederlandsche Bank tijdelijk een nieuw kantoor in de agglomeratie Amsterdam met oog op de renovatie van het huidige gebouw. Strengers is ervan overtuigd dat de collectie ook in de toekomst zal gedijen binnen het door de bankdirectie afgegeven mandaat. Menige buitenstaander zal zich intussen verwonderen over het feit dat kunst bij die grijze lieden daar in die ivoren toren aan het Westeinde zo’n prominente rol speelt.

(Laatste aflevering in een serie over corporate foundations. Eerder verschenen profielen van Achmea, Nuon, KPN, Philips, Akzo Nobel en Shell)



< Terug naar voorselectie
Sdu Uitgever