Erven, schenken en nalaten

SERIE BEDRIJFSFONDSEN


20-juni-2017

ZELFREDZAAMHEID ALS RICHTSNOER

ZELFREDZAAMHEID ALS RICHTSNOER
In de derde aflevering in een serie over corporate foundations aandacht voor de Rabobank Foundation. Hoe heeft deze miljoenenstichting zijn zaakjes geregeld?

Door Bert Koopman

UTRECHT – ‘Zelfredzaamheid’ is een woord dat vaak valt tijdens een gesprek met directeur Pierre van Hedel van de Rabobank Foundation. ‘Investeren in zelfredzaamheid van mensen is ons belangrijkste doel. Mensen die hard werken om een zelfstandig bestaan op te bouwen verdienen onze steun: financieel, maar ook door inzet van onze expertise en ons netwerk.’

De foundation is actief in binnen- en buitenland. Projectpartners in eigen land zijn vaak maatschappelijke organisaties en sociale ondernemingen. In het buitenland gaat het veelal om ledenorganisaties, zoals boerencoöperaties. Deze aanpak sluit volgens Van Hedel aan bij de coöperatieve aard en de maatschappelijke ambitie van de Rabobank.

Als coöperatieve food- & agri bank heeft Rabobank verstand van coöperaties, bankieren en de agrarische sector. Van Hedel: ‘We doen niet aan liefdadigheid oude stijl, maar investeren in de zelfstandigheid en dus zelfredzaamheid van (kans)arme mensen in groepsverband. We bieden ze een duurzaam toekomstperspectief.’

Als hij de term zelfredzaamheid specificeert, blijkt dat ze bij de Rabobank Foundation op twee niveau’s naar dit begrip kijken: op het niveau van de organisatie die de foundation steunt en op dat van de mensen die hiervan uiteindelijk profiteren. Deze zienswijze helpt de foundation om de effecten van haar werk te meten.

De missie van de foundation – kansarme mensen perspectief bieden op een zelfstandig bestaan – komt volgens van Hedel goed tot uitdrukking in de verhouding tussen donaties en leningen. Deze verhouding is thans 20:80 terwijl deze bij de start van de foundation in de jaren zeventig nog 80:20 bedroeg.

Traditie
Aanleiding tot het oprichten van de foundation was de fusie van de Coöperatieve Centrale Raiffeisen Bank en de Coöperatieve Centrale Boerenleenbank tot Rabobank. Eind 1973 fuseerden beide stichtingen tot Stichting Steun Rabobanken met als doel: het uitdragen van coöperatieve doelstelling door projecten te steunen in eigen land en in ontwikkelingslanden.

In 2002 veranderde de naam in Rabobank Foundation. Uit het jongste social impact rapport, verschenen in december 2016, blijkt dat wereldwijd 5 miljoen mensen profiteren van de steun van de foundation, onder wie 4,7 miljoen buitenlandse boeren. De stichting is werkzaam in 23 landen en steunt jaarlijks meer dan 250 projecten.

Een van de projecten is Norandino in West Peru. De Rabobank Foundation helpt kleine boeren daar met kennis over de productie van meer en betere cacao. De stichting begeleidt kleine producenten die zich verenigen in coöperaties en garandeert ze een afzetmarkt en een prijs die fair is. Deze boeren verdubbelen hun inkomsten en vergroten hun levenskwaliteit.

De foundation ging nog een stap verder. Zij startte een samenwerking met het Nederlandse bedrijf Chocolatemakers met als doel een chocolade reep te maken op basis van Norandino-cacaobonen. De Nederlandse onderneming werkt uitsluitend met duurzame producten en koopt cacaobonen daarom rechtstreeks in bij de Peruaanse coöperatie.

De foundation heeft een sterke relatie met de kernactiviteiten van de bank: een brede financiële dienstverlening met als speerpunten de food- en agribusiness. In het buitenland zet Rabobank in op het groeipotentieel van Rural Banking. Hier komt ook het Rural Fund in beeld waarvan Rabobank Foundation met twee andere partijen aandeelhouder is. Doel van dit fonds is het financieren van boerencoöperaties en MKB-bedrijven die te groot zijn voor financiering die via Rabobank Foundation kan worden verstrekt, maar nog niet in aanmerking komen voor reguliere bankleningen.

Terug naar het reilen en zeilen van de Rabobank Foundation. Naast een sterke relatie met de kernactiviteiten van de bank kenmerkt de foundation zich door haar grote mate van onafhankelijkheid van de Rabobank. De foundation kan namelijk haar eigen programma’s ontwikkelen zonder daarbij per se directe voordelen voor de bank na te streven.

Ook in Nederland staat zelfredzaamheid centraal. Het fonds focust op betaald en/of zinvol werk, financiële zelfredzaamheid – daar is het begrip weer – en gehandicaptensport. Via sociale ondernemingen steunt de foundation mensen voor wie het lastig is om een passende baan te vinden wegens een aandoening of een beperking. Sociale ondernemingen zijn bedrijven die zowel een maatschappelijk doel hebben als een rendabel verdienmodel nastreven.

Een voorbeeld is restaurant The Colour Kitchen waar jongeren een opleiding volgen en werkervaring opdoen. En wat te denken van de sociale onderneming i-did, die afgedankt textiel omzet in designproducten. Het bedrijf gaat verspilling tegen met modebewuste recycling en zet daarvoor mensen in die moeilijk werk vinden.

Governance
Qua governance, het stelsel van toezicht, bestuur en verantwoording, is bij de Rabobank Foundation sprake van enkele donoren (naast Rabobank, ook werknemers en klanten) die veelal dichtbij staan. Het Medewerkersfonds telt 6.000 werknemers die maandelijks € 4 doneren, een bedrag dat de Rabobank Groep verdubbelt. Het Rabo Foundation Klantenfonds is samengesteld uit schenkingen.

Enerzijds is de ‘betrekbaarheid’ (involvability) van de donoren groot; anderzijds is die van de beneficianten laag aangezien het om veel geografisch gespreide begunstigden gaat. Naast Nederland zitten ze in 22 landen verspreid over drie werelddelen: Afrika, Azië en Latijns Amerika. Wat betekent dit nu voor de governance van de Rabobank Foundation?

Volgens onderzoeker Lonneke Roza van de Rotterdam of School Management kan dit ertoe leiden dat er meer wordt geluisterd naar de donoren dan naar de begunstigden die immers lang niet allemaal feedback kunnen geven. De uitdaging voor de foundation is dan om toch veel te weten te komen over de effecten van het beleid op de begunstigden en over de mening van deze beneficianten zelf.

Impact
Daarbij kan impactmeting een rol spelen. Volgens Simone Groenendijk, manager Nederland fondsenwerving & communicatie, is impact meten een continu proces. ‘Het doel daarvan is niet alleen onze bestedingen verantwoorden, maar het onderzoek helpt ons ook bij het aanscherpen van ons beleid.’ De driehonderd partners worden jaarlijks intensief bevraagd.

Groenendijk: ‘We meten in Nederland hoeveel mensen dankzij de projecten die wij steunen toegang krijgen tot opleiding, werk en sportactiviteiten.’ In 2015 investeerde de Rabobank Foundation € 2,7 miljoen in 49 projecten in Nederland.

De impact daarvan weerspiegelt zich in de volgende resultaten. Bij de projecten in Nederland waren 132.000 vrijwilligers betrokken. Daarnaast doorliepen 3273 mensen een afgeronde training of opleiding. Ten slotte stroomden 668 mensen voor wie de toegang tot de arbeidsmarkt lastig is door naar werk.

In het buitenland kijkt de foundation bij een spaar- en kredietorganisatie dan wel een produ-centenorganisatie of sprake is van een efficiënte en professionele bedrijfsvoering. Groenendijk: ‘We onderzoeken onder meer het vertrouwen van de leden, de groei en de financiële positie van de organisatie.’

Zij vervolgt: ‘Daarnaast onderzoeken we ook de effecten op het niveau van de boer. Dat is een grote uitdaging want hoe bepaal je dat onze interventie daadwerkelijk tot een hoger inkomen van de boer leidt? Het is een intensief en leerzaam proces waarin we graag investeren.’ In 2015 stak de foundation € 28,7 miljoen in 217 projecten in Afrika, Azië en Latijns Amerika.

De foundation zou graag meer bekendheid genieten bij het grote publiek. Volgens onderzoeker Roza behoort dit zeker tot de mogelijkheden mits de foundation haar missie zorgvuldig uitvoert en transparant blijft. Roza: ‘Het publiek kan de foundation daardoor zien als een authentieke instelling die er in de eerste plaats op gericht is om de publieke zaak te ondersteunen.’

(In eerdere afleveringen in deze korte artikelenserie kwamen de Achmea Foundation en de NUON Foundation aan bod.)






< Terug naar voorselectie
Sdu Uitgever